Voor veel gemeenten en ook ouders of docenten vormt lachgas een dilemma. Terwijl steeds meer jongeren het als legaal genotsmiddel ontdekken, zien sommige volwassenen vooral gezondheidsrisico’s en problemen als het gaat om de (ver)koop van dit product. Voor ons een reden om even 5 punten op een rijtje te zetten.

1. Wat is lachgas eigenlijk?

Lachgas of distikstofmonoxide is een verbinding van stikstof en zuurstof en wordt soms als pijnstiller bij bevallingen gebruikt. Een veel bekendere toepassing is die van drijfgas voor slagroomspuiten. Maar lachgas wordt steeds vaker recreatief als drug gebruikt. Het gas wordt dan eerst in een ballon gedaan en vervolgens via de ballon ingeademd.

2. Wat zijn de effecten?

Lachgas is vooral populair omdat het een sterke roes veroorzaakt. Na inademen van het gas voel je de effecten vrijwel direct. Een paar minuten lijkt alles wat je hoort, ziet en voelt in elkaar over te lopen. Het geeft een dromerige roes die een beetje lijkt op stevige dronkenschap. Sommige gebruikers krijgen een lachbui.

3. Wat zijn de risico’s?

Lachgas is heel gemakkelijk en legaal verkrijgbaar. Hierdoor wordt het nauwelijks als drug gezien en lijkt het onschuldig. Toch zijn er wel klachten die kunnen optreden. Hoofdpijn, duizeligheid, verwardheid, misselijkheid, tintelingen, een verdoofd gevoel in handen en voeten en je kunt zelfs flauwvallen. Hoe meer je gebruikt, hoe groter de kans op deze klachten. We weten nog niet goed welke invloed het precies heeft op het puberbrein. Maar hersenen van jongeren zijn nog volop in ontwikkeling. Daarom raden we gebruik van lachgas door minderjarige af.

4. Hoe herken je gebruik van lachgas?

Er zijn geen duidelijke signalen waaraan je kunt zien dat je kind het heeft gebruikt. Het is al na een paar minuten uitgewerkt en je ziet dan eigenlijk niks meer. Je kunt gebruik van lachgas natuurlijk wel bespreekbaar maken. Vraag bijvoorbeeld wat je kind over lachgas weet, of hij het wel eens heeft gezien en wat hij daarvan vindt. Probeer ook mee te denken over hoe ‘nee’ te zeggen als je merkt dat je kind daar behoefte aan heeft.

5. Als ouder of docent heb je invloed!

Jongeren onder de achttien jaar mogen geen alcohol drinken en niet roken. Het is eigenlijk helemaal niet gek als dat ook voor lachgas geldt. Niet gebruiken is dus het beste advies. Als ouder of docent heb je invloed op de kennis en ideeรซn die je kind of leerling ontwikkeld over drugsgebruik. Misschien niet zo sterk als je zou willen, maar toch heb je invloed. Gebruik dat.

Omdat het een dilemma is geworden voor ouders en docenten op scholen, geeft ons team inmiddels voorlichting over lachgas. Neem gerust contact op voor de mogelijkheden.